Naam klooster:   Domus sanctae Agenetis, Sint-Agnes
Stichtingsjaar:   1326? - 1400?
Toegelaten tot het Kapittel van Windesheim:   Tot 1412 derde orde, daarna aansluiting bij Kapittel van Neuss en ging in 1427 daarmee op in het Kapittel van Windesheim.
Opgeheven:   1572

 

"De overlevering wil dat Sint-Agnes in 1326 gesticht is door een Noorse dame van adellijke afkomst, Walburg geheten. Het is waarschijnlijker dat de stichtingsdatum van het klooster rond 1400 ligt. Tot 1421 behoorde Sint-Agnes tot de derde orde; daarna ging het over naar de reguliere orde van Augustinus. Het vond enige tijd later aansluiting bij het Kapittel van Neuss en ging in 1427 daarmee op in het Kapittel van Windesheim. Sint-Agnes werd vooral in de eerste helft van de 15eeeuw rijkelijk begiftigd. Een voorgenomen verhuizing van het klooster naar Bergen op Zoom, waarvan in 1444 sprake was, heeft uiteindelijk geen doorgang gevonden. De inval van de geuzen in Dordrecht in 1572 betekende het einde van Sint-Agnes. Zie over dit klooster verder Van Herwaarden, De Boer, Van Kan [e.a] 1996, 343-346.

In de jaren 1421 en1423 werd Sint-Agnes op last van de bisschop van Utrecht gevisiteerd door de prior van Eemstein. Er is in de Acta Capituli Windeshemensis enkele malen sprake van een commissarius van Sint-Agnes; zijn naam of klooster van herkomst worden niet genoemd, maar het ligt voor de hand dat het om de prior van Eemstein ging. De praktische zielzorg aan de zusters van Sint-Agnes werd doorgaans door broeders uit Groenendaal of Rooklooster verleend.

Over het geestelijk leven van de zusters van Sint-Agnes weten we nauwelijks iets af. Dankzij de bewaard gebleven rekeningen is wel bekend dat het klooster in 1475 en 1482 bedragen ontving in verband met het verrichten van kopieerwerk.

Van kunsthistorisch belang is het schilderij waarop de Dordrechtse Geertrui Haeck-van Slingelandt van der Tempel, gekleed in regularissenhabijt, de heilige Agnes aanbidt (Amsterdam, Rijksmuseum, Cat. A3926;). Het schilderij is in de literatuur in verband gebracht met Sint-Agnes; op de achtergrond is een weg te zien die naar een klooster leidt. Volgens de jongste hypothese liet Geertrui’s man Herman Haeck dit paneel schilderen na de dood van zijn vrouw in 1467. Of er inderdaad een relatie tussen dit paneel en het klooster Sint-Agnes is, blijft vooralsnog dus onzeker. Over dit schilderij zie Middeleeuwse kunst 1958, nr. 5 en afb.2; vgl. Van Thiel, De Bruyn Kops, Cleveringa [e.a] 1976, 685, Heller 1976, 100-101 en 170, en Van Herwaarden, De Boer,Van Kan [e.a.], 1996, 320." (Scheepsma 1997, 221).

Literatuur:

Heller, E., Das altniederlandische Stifterbild, München, 1976, Tuduv-studien, Kulturwissenschaften 6

Herwaarden, J. van, D. de Boer, F. van Kan [e.a.], Geschiedenis van Dordrecht tot 1572. Hilversum, 1996, Geschiedenis van Dordrecht 1.

Middeleeuwse kunst der Noordelijke Nederlanden. Tentoonstellingscatalogus. [Z.pl., 1958]

Thiel, P.J.J. van, C.J. de Bruyn Kops, J. Cleveringa [e.a.], All the paintings of the Rijksmuseum in Amsterdam. A completely illustrated catalogue. Amsterdam, 1976

 Bron: W.F. Scheepsma, Deemoed en devotie, Prometheus, Amsterdam 1997